Aart van der Gaag, Voorzitter Algemene Bond Uitzendondernemingen

Flexibilisering is een onomkeerbaar proces en dat vraagt om een nieuwe kijk op de manier waarop ons sociale stelsel is ingericht. De vorm van het arbeidscontract bepaalt in hoge mate de toegang tot sociale zekerheid, scholing en ook hypotheken. Een vast contract is nu nog in veel gevallen het enige entreebewijs. Dat valt niet vol te houden als de arbeidsmarkt in rap tempo flexibiliseert. Inmiddels werkt ruim 30% van de werkenden op flexibele basis (flexkracht of zzp’er). Als samenleving moeten we gaan zoeken naar manieren om het sociale stelsel aan te passen aan de nieuwe realiteit van onze arbeidsmarkt.

Wij zijn blij dat de NVB de dialoog wil voeren over het verstrekken van hypotheken aan flexibel werkenden. Ten eerste zal er meer kennis moeten ontstaan over situaties waarin een hypotheek op dit moment wel wordt verstrekt aan een flexibel werkende, bijvoorbeeld omdat hij als ZZP’er al 3 jaar prima draait of omdat een uitzendkracht in fase C zit en dus een contract voor onbepaalde tijd heeft bij zijn intermediair. Deze situaties passen nog bij het oude denken, waarin het verleden maatgevend is en vastigheid het criterium.

Wij hopen op een toekomst waarin banken zich meer gaan verdiepen in de individuele situatie van de (flexibel) werkende. Daarbij is niet alleen het soort contract, het verleden en de huidige werkgever van belang, maar juist de mogelijkheden die hij of zij heeft in de toekomst. Hoeveel kans heeft deze werkende om aan het werk te blijven en zijn maandlast te kunnen blijven betalen? Dat betekent niet dat zomaar iedereen een hypotheek kan krijgen, maar dat betekent wel dat flexwerkers en zzp’ers niet bij voorbaat uitgesloten worden van een hypotheek, maar ieder op zijn eigen merites wordt beoordeeld.

Individuele situatie van de (flexibel) werkende centraal stellen